
Er was eens…
In de jaren negentig werd op het voortgezet onderwijs het vak informatica ingevoerd. Toen ik tijdens de zero’s op de middelbare school zat, heb ik niet gekozen voor dit vak. Waarom niet? In die lesuren zag ik het computerlokaal vol zitten met jongens die taal gebruikte waarvan ik niks snapte en eigenlijk ook niet wilde snappen als pubermeisje. Mijn digitale zoekresultaat geeft aan dat deze zelfde middelbare school geen computerlokaal meer nodig heeft; leerlingen in de brugklas hebben al een eigen laptop.
Al in 2012 constateerde de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen in een rapport dat de wijze waarop het informaticaonderwijs is ingericht niet meer voldoet. Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vroeg naar aanleiding van dit rapport om 21e-eeuwse vaardigheden en digitale geletterdheid te beschrijven. In 2014 presenteerde het SLO een publicatie met uitkomsten over hoe de vaardigheden binnen digitale geletterdheid zich met elkaar verhouden en welke van belang zijn voor het curriculum van het primair onderwijs.
Naar aanleiding van deze publicatie presenteerde Kennisnet een cirkel-model waarin de kern de vakken taal en rekenen staan met daaromheen zeven vaardigheden. In 2016 bouwden Kennisnet en SLO voort op dit model, dat in Nederland nog steeds leidend is als het gaat om de 21e-eeuwse vaardigheden.
Deze aanbeveling heeft onder andere geleid tot de opzet van de leerlijn digitale geletterdheid in 2018. Deze leerlijn biedt een overzicht van niet verplichte kerndoelen die passen bij de vier domeinen: mediawijsheid, ICT-basisvaardigheden, informatievaardigheden en computational thinking.
Anno 2025
‘We leven in een digitaal verbonden samenleving waarin informatie het belangrijkste middel is voor eigenlijk alles wat we doen en produceren,’ stelt Robert Adema. Hij is mede-oprichter van Basicly, een platform dat handvatten geeft om digitale geletterdheid een structurele plek te geven in het onderwijs. ‘De vorm en manier waarop informatie mensen bereikt, is afgelopen decennia het meest veranderd. Voorheen kon informatie maar op één plek tegelijkertijd zijn, nu is het altijd en overal beschikbaar en kan het heel makkelijk met elkaar gedeeld worden.’
Het is dan ook niet vreemd dat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap SLO in 2022 de opdracht heeft gegeven om de kerndoelen van onder andere digitale geletterdheid te actualiseren.
De definitieve conceptkerndoelen zijn 1 september 2025 gepubliceerd. Hierin zijn drie domeinen opgenomen: praktische kennis en vaardigheden, ontwerpen en maken en de gedigitaliseerde wereld. De vorige vier domeinen komen hiermee niet te vervallen. Er komen drie schillen omheen. In onderstaande afbeelding maakt SLO inzichtelijk hoe de domeinen en conceptkerndoelen zich tot elkaar verhouden.

Als school ben je op dit moment nog niet verplicht om digitale geletterdheid aan te bieden en te voldoen aan de kerndoelen. Het ministerie van OCW start een traject om de doelen vast te leggen in de wet- en regelgeving. Zodra ze daarin zijn opgenomen, gelden ze voor alle scholen. Het ministerie besluit hoelang scholen de tijd krijgen om de kerndoelen te implementeren en in welk schooljaar het onderwijsaanbod in alle scholen hieraan moet voldoen. In onderstaande afbeelding is te zien hoe het proces verloopt voor de totstandkoming van de verschillende doelen.

Aan de slag
Zelf denk ik al snel dat je voor digitale geletterdheid altijd een device nodig hebt, maar dat is niet helemaal waar. Bij het inzetten van digitale technologie en het creëren van digitale producten is het wel erg handig als kinderen digitale media tot hun beschikking hebben. Daarin leren ze vooral door het veel te doen: experimenteren en leren. Waarbij enkele basisconcepten wel eerst offline behandeld kunnen worden.
- Maak samen een mindmap. Hierin staat het categoriseren centraal wat overeenkomt met het aanmaken van een mappenstructuur op een computer. Dit kan eerst op papier of gebruik een tool in bijvoorbeeld Gynzy of Prowise.
- Toon hoe je een grafiek maakt: Inventariseer het meegenomen fruit, hoe de kinderen naar school komen of het aantal gezinsleden. Laat ze vervolgens een eigen onderzoek in kaart brengen. Ook deze werkvorm kan goed eerst op papier om daarna voor een digitale verwerking te kiezen. Koppel het bijvoorbeeld aan de rekenles die over data gaat.
- Laat kinderen op papier een poster ontwerpen en deze in een presentatiesoftware verder vormgeven. Wissel ook af met het inzetten van deze software. In mijn tijd begon ik met werken in Paint, later Word en PowerPoint, maar er zijn intussen veel mogelijkheden bij gekomen zoals Canva en Prezi.
- Geef een creatieve schrijfopdracht bijvoorbeeld uit het pakket Creatief schrijven – najaar, en laat ze deze uitwerken in Word. Leg uit hoe ze de letterstijl kunnen aanpassen en laat ze hiermee experimenteren.
- Start met een korte spreekbeurt in PowerPoint zoals een boekenkring of dit-ben-ik presentatie
- Toon een papieren krant, leg de link naar de manier van nieuwsverspreiding vroeger en de digitaal verbonden samenleving van nu. Zet een klassenkrant op.
- Offline programmeren. Een activiteit die ik zelf online bij leerkrachten terugzie, is het programmeren van de leerkracht voor het smeren van een boterham met pindakaas. Het gaat hierbij om praktische vaardigheden.
- Deel spreekwoordenboeken uit. Geef een spreekwoord en laat ze de betekenis opzoeken. Doe hetzelfde, maar ruil het woordenboek in voor een computer. Bespreek hoe je de betekenis van het spreekwoord op kan zoeken, of deze overeenkomt met het antwoord uit het woordenboek en de snelheid van de zoekactie. Dit kan natuurlijk ook met de betekenis van alleen woorden.
- Som de onderwerpen uit het Jeugdjournaal op. Laat ze online zoeken naar informatie over het nieuwsbericht. Vergelijk de verschillende zoekopdrachten en controleer de gevonden informatie door het journaal te kijken.
Start het thema in de klas met een ruim boekenaanbod. Laat de kinderen gedurende de uitwerking van hun eindopdracht hun informatie aanvullen met informatie van internet. Besteed hierbij aandacht aan informatievaardigheden. Dit is een mooie combinatie van offline en online aandacht besteden aan digitale geletterdheid. Als het gaat om het participeren in de gedigitaliseerde wereld zijn apparaten minder noodzakelijk. Het gaat bij mediawijsheid en computational thinking om een stukje kennis, maar ook om denkwijzen en attitudes waar je in een klassikaal gesprek aandacht aan kan besteden. Volgens Kennisnet draagt dat evengoed bij aan de digitale geletterdheid van kinderen.
Van de ambassadeurs
Naast de suggesties die SLO doet, wil ik je nog een aantal praktische tips meegeven voor het werken rondom digitale geletterdheid. Momenteel voeren wij bij Stichting Rijdende School een nulmeting uit onder de kinderen van groep 5 tot en met 8 om ons aanbod beter op hen af te stemmen. Hiervoor ontvangen zij een vragenlijst in hun mail die ze online invullen. Naast dat het nadenken over het afnemen van een eerste meting een tip is, wil ik je ook zeker meegeven om voor elk kind een eigen e-mailadres aan te maken. Hierdoor kunnen ze gemakkelijk aan digitale producten werken, deze in de Cloud opslaan om er zo op elk device na inloggen verder aan te kunnen werken. Daarbij kunnen ze hun digitale producten met elkaar delen, samenwerken en het online inleveren. In deze gratis download vind je een nulmeting die je kunt inzetten om in kaart te brengen hoe digitaal geletterd de kinderen in jouw groep zijn en waar ruimte is voor ontwikkeling.
Ook enkele ambassadeurs hebben ideeën voor je.
Tara: ‘Hang QR-codes op waarachter filmpjes of teksten zitten over het betreffende thema die ze kunnen scannen.’
Laat ze ook zelf een QR-code maken. Gebruik deze voor de afsluiting van een thema om door te linken naar hun eigen gemaakte digitale producten. Nodig ouders uit en laat hen de code scannen om het werk van hun kind te bekijken.
Zelf heb ik, Nena, eens filmpjes opgenomen voor moederdag. Ik liet een kind een boodschap inspreken voor mama, sloeg de video op achter een beveiligde link, maakte er een QR-code van, printte deze uit en liet het verwerken in een knutselwerk.
Maartje: ‘Zet AI in om werk van kinderen tot leven te laten komen.’ Maartje zette het in bij de bouwwerken van haar kleuters. Besteed in de bovenbouw aandacht aan kunstmatige intelligentie door allereerst het gesprek aan te gaan wat het is en hoe dit te vergelijken is met de mens. Laat ze ook zelf experimenteren met het creëren van een afbeelding of tekst en het formuleren van zoektermen.
Met deze blog hoop ik je een update te hebben gegeven van digitale geletterdheid in het onderwijs, een beter beeld te hebben geschept waarbij je aan moet denken bij dit onderwerp en je te hebben geïnspireerd om er in je eigen onderwijspraktijk mee aan de slag te gaan. Ga op school het gesprek aan over hoe jullie de kerndoelen terug willen zien in jullie curriculum. Veel succes!
Download nulmeting digitale geletterdheid




